Internering bij kinderen.

5.1 Inleiding.

In België maken heel wat kinderen kennis met het leven achter de tralies en ondervinden aan den lijve de ingrijpende impact van detentie of vrijheidsberoving.
Ze hebben een ouder die in de gevangenis zit, of zijn zelf opgesloten in een gesloten centrum voor vreemdelingen of zijn geplaatst in één van de gesloten gemeenschapsinstellingen of in de Grubbe (Everberg).
De Havana rules (handboek internationaal jeugdrecht) definiëren vrijheidsberoving als: 'Elke vorm van inhechtenisneming, gevangenneming of plaatsing van een persoon in een openbare of private instelling, die hij niet gemachtigd is op eigen initiatief te verlaten, bevolen door een gerechtelijke, administratieve of andere autoriteit'.
Daarnaast is er een belangrijke groep kinderen die weliswaar niet van hun vrijheid is beroofd, maar toch in een belangrijke mate in hun vrijheid zijn beperkt omdat ze niet thuis verblijven. Een opname of plaatsing is voor kinderen zelden een zelfgekozen beslisssing.
Kinderen worden handelingsonbekwaam geacht waardoor ze weinig inspraak hebben, zelfs in ingrijpende beslissingen zoals uit huis plaatsing. Dit is zeker het geval wanneer het over zeer jonge kinderen gaat, of als het kinderen met een handicap of psychische problemen betreft. Ook ouders zien vaak geen andere oplossing dan residentële zorg.
De kinderen uit die verschillende doelgroepen hebben allen gemeenschappelijk dat ze in voorzieningen of instellingen zijn opgenomen of geplaatst. Deze kinderen worden soms tegen hun wil opgenomen of kunnen, gezien de leeftijd, hun wil nog niet kenbaar maken. Tergelijkertijd blijkt ook dat de ouders vaak niet vrij instemmen met de plaatsing, maar door tal van factoren geen andere uitweg zien dan hun kind uit huis te laten opgroeien.

"Terug naar inhoudstafel"
Bibliography
1. Kinderrechtencoalitie Vlaanderen vzw
Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License